Het zijn donkere tijden voor Boudewijn Seapark. Het pretpark was afgelopen tijd al online kop van jut omtrent haar dolfinarium, maar onlangs trok ook de minister van dierenwelzijn stevig van leer op nationale televisie. Heeft een dol-fijne dag nog een toekomst?

Eerder dit jaar onstond er een rel over een facebookpost waarin het Brugse Boudewijn Seapark een fotoshoot met dolfijnen aanprees als een goed Valentijnscadeau. Vrij snel na posten werd het idee en vooral zijn liefhebbers aan de schandpaal genageld zoals het alleen op sociale media gebeurt. Het park zag zich zelfs genoodzaakt het bericht offline te halen. Vlaams minister van Dierenwelzijn Ben Weyts goot verder olie op het vuur door in de Zevende Dag stevig van leer te trekken tegen het dolfinarium. "We moeten op z'n minst de discussie opstarten. Kunnen we die dieren in gevangenschap laten leven, gewoon voor ons plezier? Om ze kunstjes te laten doen in ruil voor een paar dode vissen? Als je dierenwelzijn ernstig neemt, dan kan je dat niet tolereren." Hoewel dierenrechtenorganisaties spontaan de loftrompet afstaken, doet zo’n uitspraak natuurlijk ook goed dienst bij het opvijzelen van het knuffelgehalte van de minister tegen de komende verkiezingen. Dierenwelzijn valt daar ongetwijfeld beter te verkopen dan bevoegdheden als Mobiliteit en Openbare Werken. Desalniettemin worden de voorwaarden voor het houden van dieren dra verscherpt en wordt fysiek contact straks van het menu geschrapt. Dierenrechtenorganisaties zoals Bite Back protesteren al jaren tegen het Brugse Dolfinarium. Is er een reden tot een uitdoofbeleid, waarbij een verbod op nieuwe dieren op termijn zal zorgen voor het verdwijnen van het dolfinarium?

Wat biedt het park aan?

Boudewijn Seapark huisvest 6 volwassen dolfijnen en 2 kalfjes in een bassin dat wettelijk geschikt is voor maximaal 7 volwassen dolfijnen. De dolfijnen van het Seapark verschijnen 1 tot 2 keer per dag in een parkshow met een luik voor milieuproblematiek en evolutie van de dieren. Daarnaast biedt het park op zijn site verschillende educatieve programma’s aan. In mei en juni mikt het park op schoolreisjes met een formule die het zeeleeuwentheater en het dolfinarium combineert met bijhorende werkblaadjes. Zowel leven in het wild als het leven in het park komt dan aan bod. Er wordt afgesloten met een groepsfoto bij de dolfijnen. Des winters kan je kiezen uit 2 pakketten. Je kan een uurtje bijleren over hoe en waarom dieren getraind worden of die informatie combineren met een backstage tour en ook labo’s, machinekamers en viskeukens bezichtigen.

Daarnaast biedt het park twee vormen van interactie aan: een fotosessie en een ontmoeting. Voor 100 euro krijg je een fotosessie van een half uur, voor 50 euro extra ga je met twee op de foto. Het park doet wel wenkbrauwen rijzen met de boodschap dat fysiek contact mogelijk is. Bij een ontmoeting kan je zelfs in het water staan bij de dieren zelf en ze onder begeleiding dingen laten doen. Vreemd genoeg rekent het park hier inclusief attractiepark slechts 110  euro voor aan, terwijl bij de fotosessie die toegang niet inbegrepen is.   

Ethisch verantwoord?

Er liggen vele tinten grijs tussen  het afschaffen van elke vorm van gevangenschap  – inclusief het houden van huisdieren en veeteelt – en het andere uiterste waarbij alle manieren waarop een mens een dier kan houden zonder meer worden goedgekeurd. Doorgaans zijn dierenrechtenactivisten tegen gevangenschap omdat opsluiting an sich de rechten van een dier al te veel inperkt. Maar het verhaal wordt snel complexer dan deze uitersten. Dieren die in gevangenschap opgroeiden zijn zelden in staat zich te beredderen in de vrije natuur. Bovendien mondt het aanleren van natuurlijk gedrag soms uit in bedenkelijke situaties waarin bijvoorbeeld roofdieren levende prooidieren moeten verscheuren. Is de meerwaarde van een vrijgelaten dier dan het bijhorend leed voor opgeofferde prooidieren en het dier zelf waard? Het antwoord neigt naar nee wanneer ook blijkt dat dergelijke dure herintroducties in de praktijk zelden slagen. De vrijlating van orka Keiko uit de ‘Free Willy’-films is daar een schrijnend voorbeeld van.

Als samenleving hechten we steeds meer belang aan het individuele welzijn van dieren in gevangenschap. Dierenwelzijn kan ook een argument zijn om dieren ín gevangenschap te houden. Dat geldt ook voor in gevangenschap geboren dolfijnen: het welzijn tijdens en na vrijlating in de natuur is immers nog een stuk onzekerder. Dan blijft de vraag hoe het leed dat de zeezoogdieren van hun gevangenschap ervaren verzacht kan worden. In essentie ontbreken er daar twee zaken: bewegingsvrijheid en een dagelijkse jacht op voedsel. In dat verband vindt ook bioloog Dirk Draulans trainingen, shows en zelfs de verketterde fotosessies goede manieren om de dieren te redden van een dodelijke verveling.

Natuurlijk blijven dat lapmiddelen voor een probleem dat je niet zou hebben als de dieren in de eerste plaats niet opgesloten waren. Een uitdoofbeleid heeft dan vooral zin om te voorkomen dat nieuwe kalven hun dagen in een dolfinarium moeten slijten. De vraag is of we de huidige dolfijnen daarvoor het extra veroorzaakte leed van een opgelegde geboortestop met aansluitende vereenzaming mogen aandoen. Wie daar nee op antwoord, kan als bijkomend argument de onderwijskaart spelen die vaak gebruikt wordt pro dierenpark. Boudewijn Seapark doet zeker ook een verdienstelijke poging om via educatieve voorstellingen voor zowel mens als vrij dier meerwaarde te boeken. Het aantal studies met aantoonbare resultaten voor dit onderwijs-verhaal valt echter te mager uit om daar alleen de gevangenschap mee te verantwoorden.

Oud nieuws

De discussie die minister Weyts wil opstarten werd in 2006 al gevoerd op het federale niveau dat toen voor dierenwelzijn bevoegd was. Dat resulteerde tegen 2010 uiteindelijk in een wetenschappelijk rapport voor de raad van dierenwelzijn, specifiek over het houden van dolfijnen. Het rapport vond uiteindelijk weinig redenen om het onderscheid te maken tussen zeezoogdieren en andere zoobeesten. Er werd toen al opgemerkt dat het bassin dan wel voldeed aan het wettelijk voorgeschreven minimum, maar dat dat minimum best wat aangescherpt mocht worden. De normen die de Europese Associatie voor waterzoogdieren voorstelt liggen immers een stuk hoger.
Verder beschreef het rapport ook verschillende aspecten van het welzijn. Een dolfijn in de vrije natuur zou 82% van zijn tijd aan voedsel zoeken spenderen, terwijl dat in Japanse Dolfinaria herleid werd tot 70% rusten. Trainingen en shows maakten daar wel geen deel uit van de observaties. De overlevingskans in gevangenschap bleek lager dan in vrije natuur, maar de berekening gebruikte data uit 1973-1993. Binnen diezelfde tijdspanne ging die kans er ook drastisch op vooruit wanneer het eerste decennium werd vergeleken met het tweede. Er werd ook weinig sluitend bewijs gevonden voor de enorme intelligentie en gevoeligheid die de dieren in de publieke opinie vaak toebedeeld krijgen. Interessant is ook een studie die de stressniveau’s van de dieren in het Boudewijn Seapark onderzocht. Volgens dat onderzoek vertoonden de dieren slechts in 0-5% van hun tijd stress-gerelateerd gedrag.

Bestaansrecht

Een groot aantal parken die in de jaren zeventig een dolfinarium in huis haalde verruilden hun dierenattractie inmiddels voor een ander aanbod. Phantasialand sloot het zijne al in 1991, dat van Europa-park onderging hetzelfde lot een jaar later en in Heide Park gingen de deuren dicht in 2008. Boudewijnpark ontstond in 1963 als een lokaal recreatiepark en behoort met een dolfinarium in 1972  eveneens tot die oorspronkelijke wildgroei van dolfinaria. Boudewijnpark was dus eerst en in hoofdzaak een dolfinarium: het merendeel van de mechanische attracties werd er pas toegevoegd in 1988. Datzelfde jaar brandde het oorspronkelijke dolfinarium inclusief bewoners volledig af. Het Seapark opende in 1990 – en dus relatief laat in verhouding tot de dolfinaria uit de jaren 70 – opnieuw een dolfinarium, dat ook vandaag nog steeds het zwaartepunt vormt van het aanbod in het Brugse pret- en dierenpark; een keuze die het management ook na de 50e verjaardag bewust in stand hield. Omdat het park ingesloten is door woonwijken en nooit de status heeft geambieerd van stadsparken als Gröna Lund en Tivoli Gardens, is een noemenswaardige uitbreiding van het attractieaanbod lastig. Bij een sluiting van het dolfinarium vervalt de rest van het aanbod – zeeleeuwen en zeehonden daargelaten – dan ook snel tot een veredelde speeltuin. De vraag is of het park in die hoedanigheid nog voldoende bezoekers kan trekken om zijn bestaan te rechtvaardigen. 

Heb je zelf een (andere) mening over dit onderwerp? Discussieer dan zeker mee op ons forum.

Tekst: © Jonas Claes - Pretparken.be // Foto’s: © Pretparken.be, Boudewijn Seapark, Bite Back // Bronnen: De 7e dag, De afspraak, Boudewijn Seapark, PHL-info, Heide-Park-World, Raad voor Dierenwelzijn